Taboe

Het taboe op de slechte uitvaart heeft het taboe op de dood zelf overtroffen.

Zoals je op de vraag: "Hoe was je vakantie?" nooit het antwoord zult krijgen: "Beroerd," zo zal zeer zelden een nabestaande bekennen dat de uitvaart eigenlijk niet was zoals men wilde. De tijdgeest geselt ons in de dwang om het fijnste vaarwel. Tevreden zijn met de uitvaart die je krijgt, dat is de nieuwe mantra. In de moderne inhaalslag op de stijve plechtigheden van weleer zijn er veel mogelijkheden ontgonnen en veel publiciteit de lucht in gelanceerd. Je moet wel een loser zijn wil je je van tevoren niet goed hebben laten informeren, wil je nog tussen de legio alleraardigste uitvaartondernemers en -vernieuwers de enige sukkel uitgepikt hebben die daar niets van bakt.
In de strijd om het taboe in stand te houden schittert de uitvaartondernemer nieuwe stijl in het opdringen van de aller-, allerbeste uitvaart. Gij zult thuis opbaren vooral, ook als u dat absoluut niet wou, gij zult met behulp van thanatopraxie vier weken lang dag en nacht afscheid nemen, of zeven dagen in de weer zijn met graszoden, gij zult rouwen tot gij er bij neervalt, gij zult uzelf overtreffen in het zich laten aanpraten van de persoonlijkste (lees: hipste) uitvaart ooit. Maar vooral: gij zult nooit en te nimmer erkennen dat het achteraf tegenviel.